Het leven en de dood


Onlangs vroeg iemand mij hoe ik over de dood denk. “Is dat voor jou iets wat gewoon bij het leven hoort? Iets wat de Schepper van het leven bedoeld heeft als eind van het leven?” Vragen die niet zomaar even te beantwoorden zijn.

Als ik wil duidelijk maken hoe ik over de dood denk, wil ik allereerst vertellen hoe ik over het leven denk. Voor mij is de aarde een plek waar we dat kunnen ervaren wat we willen ervaren. We hebben een lichaam waarmee en waardoor we dingen kunnen doen en kunnen ervaren wat de gevolgen zijn van keuzes die we maken. Je kunt dingen doen die je lichter maken of juist verdichter (zie ook mijn blog hierover). Wat mij betreft is daar geen goed of fout in, hoewel je dat wel zo kan beleven doordat je manier van denken en doen tot lijden kan leiden, psychisch en/of lichamelijk.

Door je te bevrijden van het lijden, wat inhoudt dat je alle blokkades in je systeem heelt en niet meer vast zit of gehecht bent (aan mensen, dieren, spullen, bezigheden ed.), sterf je als het ware levend en is er vrede en liefde in je hart. In het lichaam is een volledige ontspanning. De meeste mensen zitten op het moment van sterven nog vast aan veel zaken. Dat kan het moment van het leven los laten tot een strijd maken.

Sterven is voor mij niets anders dan het lichaam en het leven los laten. Op dat moment kan duidelijk voor je worden hoe je ervoor staat en als je niet onverwachts heen gaat kun je nog op je leven terug zien en soms alsnog het een en ander bewust loslaten. Dat wat je geleerd hebt en dat wat onopgelost is gebleven draag je mee in je ziel en zal je volgende levens bepalen. Mijn bestaan eindigt dus niet bij dit leven maar zal in een andere vorm doorgaan met nieuwe kansen en nieuwe mogelijkheden, tenzij ik al levend gestorven ben, alles ervaren heb hier op aarde wat er voor mij te ervaren valt en er geen onopgeloste zaken meer zijn.

In dit proces en tijdens je leven(s) op aarde kun je dichter of verder van God zijn. Verder van God zijn betekent meestal meer lijden, meer verdichting, afgesloten zijn van de levensenergie en liefde, meer behoefte om je eigen hachje te verdedigen of je onvervulde behoeften via anderen en materie op te eisen. Hoe dichter je bij God bent hoe meer liefde, levensenergie en ontspanning je zult ervaren. Er is geen moeite meer; je bent en ervaart vreugde in je bestaan ongeacht de omstandigheden.

Zoals ik denk dat ik God toebehoor, van God kom en er weer naartoe zal gaan, zo behoort mijn lichaam de aarde toe. Dat kan ik bij leven ervaren als een één-zijn met de aarde en bij sterven zal mijn lichaam weer door de aarde opgenomen worden. God toebehoren betekent voor mij dat ik niet alleen weet dat ik gouden licht ben, maar dat ook in elke cel van mijn lichaam leef. God toebehoren betekent voor mij ook dat ik geen mens toebehoor en dat geen mens mij toebehoort. Sterven is in die zin één van de ervaringen die bij het leven hoort, net als geboren worden en alles er tussenin, als een geschenk van het bestaan of God aan jou.

@ Wonieka A. Meuter

Het verraad van Judas

Jezus

“Ik wil niet als Jezus aan het kruis”, zegt Annabel, terwijl ze een hap van haar mexicaanse bonen schotel neemt en wijst naar het beeldje dat tegenover haar aan de muur hangt. Met Pasen in het vooruitzicht is dit een actueel thema op de katholieke school waar ze naar toe gaat. Dat ze daarover begint betekent dat ze weet heeft van het leven van Jezus. Blijkbaar heeft haar leven en waarvoor ze hier op aarde is daar overeenkomsten mee. Alleen al omdat ze gezegd heeft God te willen leven en ze begon te stralen toen ik haar vertelde dat ik de liefde van God wil leven en laten zien.

Jezus ging aan het kruis omdat hij God liet zien, omdat hij zei als zoon van God, naast God te zitten. Daar is Annabel bang voor. Visueel ingesteld als zij is, staat het beeld van de lijdende Christus aan het kruis op haar netvlies. Wat ze ziet is het lijden van het lichaam. Alleen, Jezus Christus leed niet, want hij kon ervaren dat het met zijn lichaam gebeurde en dat wie hij is ongeschonden bleef omdat hij zich Eén voelde met God. Jezus bleef liefde, ondanks wat de mensen naar hem deden. Daarbij wist hij wat hem te wachten stond en dat het onderdeel was van de taak die hij op zich had genomen.

Juist doordat Annabel bang is voor het lijden dat anderen haar toe kunnen brengen door wie ze is, wordt ze geplaagd en oefenen anderen macht over haar uit. Daarbij kiest ze zelf voor het lijden door zich meer bezig te houden met anderen dan met zichzelf, ondanks dat ze geleerd heeft hoe ze hier anders mee om kan gaan en daar thuis volledig in ondersteund wordt. Het gevolg is dat ze het lijden van anderen naar binnen haalt en gaat leven alsof het iets van haarzelf is. Zolang ze dat doet is haar lijden groter dan dat van Jezus Christus aan het kruis en kan het een levenslang lijden worden, waarin het hart grotendeels koud zal zijn en leeg zal aanvoelen. Eenzaam en alleen, hoeveel mensen er ook om haar heen zullen zijn. Ze is zich hiervan bewust, gaat eronder gebukt zonder haar keus te veranderen, omdat ze denkt dat haar angst te groot is. Als ze wel ervoor kiest om God te leven, zal ze niet of minder gebukt gaan onder het lijden dat ze bij anderen ziet en de nare dingen die mensen kunnen doen.

Door te kiezen voor de angst verloochent zij zichzelf en wordt ze tot een Judas. Degene die de liefde van God leeft, verraad ze door haar hart koud te laten zijn en door lelijk te doen. Ondertussen wordt het paasverhaal op school verteld. Zelf vertelt zij thuis aan haar moeder dat zij denkt dat Jezus het niet leuk gevonden zou hebben dat hij verraden werd en ook dat hij daar niet bang voor was, noch voor dat hij dood zou gaan, omdat hij dat wist. Het beeld van die grote spijkers waarmee Jezus vast hing blijft ondanks dit besef een grote impact hebben. Het was Judas die bang was en een koud hart had waardoor hij zijn vriend verraadde, ondanks dat hij hem jarenlang meegemaakt had en van zijn grootsheid wist.

Geconfronteerd worden met Jezus Christus aan het kruis op jonge leeftijd kan een mens te bang maken om voluit te gaan leven, zeker wanneer het lijden van Jezus de nadruk krijgt. Het lijden van het lichaam. Jezus wilde graag de relatie tussen God en de mensen herstellen en gaf zijn leven ervoor om te laten zien wie God is. Hij liet zijn vertrouwen zien en dat het lichaam kan lijden, maar niet wie jij bent als je Eén bent met God. De angst voor lijden, voor pijn wordt naar buiten geprojecteerd als iets dat anderen je aan kunnen of zullen doen. Ben je bang voor iemand anders, dan is er angst voor iets in jezelf. Dat valt altijd te helen of te herstellen. Want een hart dat zuiver is en warm, heeft niets om bang voor te zijn. Zo’n hart is voor niets en niemand bang, omdat het weet, begrijpt en mededogen heeft.

© Wonieka A. Meuter

Gevallen engel

gevallen engel

“Ik heb hier geen zin in”, zei Marianne toen ze opgebeld werd door Nienke, die ze jarenlang begeleid had en lang niet gesproken. En de mails had ze ook niet gelezen, daar had ze ook geen zin in gehad. Hoewel Nienke haar niet geloofde kon ze niets anders zeggen dan dat het haar speet, waarop Marianne snel antwoordde dat het haar speet voor Nienke en vervolgens zei het gesprek te beëindigen. Langer dan een minuut had het gesprek niet geduurd.

Voor Nienke was Marianne een leermeester geweest waar ze veel aan gehad had en die ze een warm hart toe droeg. Zowel vanwege alle inzichten die ze opgedaan had over zichzelf als hoe ze had leren omgaan met zichzelf, met anderen en met haar heldervoelendheid. Ze bracht nog dagelijks in de praktijk wat ze in de jaren bij Marianne opgestoken had. Daarnaast was Marianne voor haar iemand geweest met wie ze voor een groot deel haar autoriteitsconflict had kunnen aangaan. Niet helemaal, want de laatste jaren voelde ze een muur waar ze beter achter vandaan kon blijven, die niet bespreekbaar was. Ze kreeg steeds sterker de indruk dat Marianne eigenlijk bang voor haar was. Uit liefde voor wat ze ontvangen had en voor haar leermeester bracht ze het verder niet ter sprake zodat de deur open kon blijven tussen hun en ging ze haar eigen weg, omdat ze op haar eigen benen wilde staan.

Jaren later, toen inmiddels zichtbaar geworden was wat Marianne al in het begin in de kaarten gelezen had en doorgekregen had van de lichtwezens, namelijk dat ze met Nienke met een zeer ontwikkelde ziel van doen had, kreeg Nienke contact met een leerling van Marianne via de mail. Daarbij merkte ze dat ze veel gedachten kreeg over Marianne alsof die met haar bezig was en oppikte dat zij contact had met die leerling. Verbaast was ze daar niet over. Ze had Marianne leren kennen als iemand die heel helder energie kon lezen en dat het vaak klopte wat ze waarnam. Daar had Nienke genoeg verhalen over gehoord van haarzelf als ook zelf meegemaakt met haar. Inmiddels was Nienke zelf aardig door de wol geverfd geraakt in het omgaan met dat wat mensen energetisch kunnen uitzenden. Aanvankelijk ervoer ze de energie van Marianne als vriendelijk maar met de tijd werd het heftiger en kreeg ze minder prettige kanten van Marianne ze ‘zien’. Vandaar dat ze besloot om contact te maken om Marianne de gelegenheid te bieden alsnog rond te maken wat in het verleden was blijven liggen, waarbij ze ook een uitgebreide en liefdevolle mail had gestuurd over hoe ze de periode bij Marianne ervaren had en hoeveel ze aan haar gehad had, als ook wat ze nooit had kunnen en durven zeggen. Achteraf gezien leek voor haar de liefde die Marianne had minder onvoorwaardelijk dan dat ze pretendeerde. De mails werden niet beantwoord en in het korte akelige telefoongesprek werd Nienke erin bevestigd dat Marianne geen verantwoordelijkheid wilde nemen voor haar eigen aandeel, ondanks dat wat ze in al die jaren van haar gevraagd had en van haar andere leerlingen. Een gesprek daarover bleek onmogelijk.

Het verwonderde Nienke wel, dat iemand met zoveel ervaring in het begeleiden van mensen, die zelf mensen opleidt tot begeleider en zegt onvoorwaardelijke liefde te leven, zo haar energie niet bij zich wist te houden, zo niet in staat leek om toe te passen wat ze zelf onderwijst. Ondanks alle technieken en benaderingen die Nienke geleerd had en in eerdere situaties had toegepast en werkzaam waren geweest, er kwam geen verandering in de situatie. Met dat Nienke haar licht toenam werd de duisternis die zij van Marianne ervoer sterker. In de ‘gesprekken’ die zij met Marianne had, werd haar duidelijk gemaakt dat Marianne haar macht niet kwijt wilde en dat ze er op uit was om te vernietigen. Ze werd duivels van het licht en de liefde van Nienke en kon haar mededogen niet verdragen. Ze bleek afgunstig en doodsbang om ontmaskerd te worden, om te verbleken in het licht dat Nienke zich eigen had gemaakt, het licht van God dat ze leefde en waar ze zich Eén mee voelde. Marianne kon het niet verdragen om in de schaduw van een ander te komen staan.

Duivelse kracht

lucifer-an-angel-of-musicHet besef dat ze met een duivelse kracht van doen had, bracht een diepe rust bij Nienke. Daar was ze niet bang voor. Dat maakte haar eigenlijk alleen maar duidelijk dat dit onderdeel is van het pad dat ze gaat en dat het om een eeuwenoud fenomeen gaat van de strijd van de duivel met God, zoals beschreven in de bijbel en andere geschriften. Ze besloot zich hierin te verdiepen, omdat verhalen en beelden niet zomaar ontstaan.

Wat ze er over las op internet is dat het woord daimon oorspronkelijk een meer neutraal Grieks woord  is voor afgod en een vertaling van het Hebreeuwse elilim dat vrij vertaald nul of niets betekent. Hiermee werd in het Oude Testament door de profeten die de afgoderij bestreden aangegeven dat degenen die in aanbidding neervielen voor de elilim van ‘steen, hout en metaal’, eigenlijk ‘niets’ vereerden. In de bijbel staat dat demonen onder de heerschappij van satan of de duivel staan. Eens waren zij engelen van God, maar onder invloed van satan (die voorheen een van Gods aartsengelen was) zijn zij God ontrouw geworden. De meest bekende daarvan is Lucifer, een gevallen engel. Ter ondersteuning van “Lucifer”, de lichtbrenger, als aanduiding voor de duivel wordt wel verwezen naar 2 Korintiërs 11:14. Immers, de satan zelf doet zich voor als een engel des lichts.

Het woord “duivel” stamt van het Griekse “diabolos”, dat “aanklager of tegenstander” betekent. Dit woord komt overeen met het Hebreeuwse “satan”. In de oudste Bijbelteksten slaat dit woord op mensen, zoals vijanden in een oorlog. Pas in latere Bijbelboeken, zoals Job, slaat het op een spiritueel wezen. In de meeste gevallen gaat het daarbij om een tegenstander van de mens, niet van God. Het Nederlandse “duivel” slaat echter enkel nog op een spiritueel wezen.

Geboeid las Nienke over de veranderingen die een begrip door de tijd ondergaat en hoe daar in de diverse stromingen verschillend mee omgegaan wordt. Zo wordt er binnen de moslimtraditie gezegd dat de satan opstandig werd toen hij van God voor Adam moest buigen: “Ik ben beter dan hij, want hij is geschapen uit aarde en ik uit vuur.” Hij zou weggezonden worden maar vroeg aan God respijt om de mensen te testen en hen proberen af te keren van het geloof. God stond hem dit toe. De satan wordt dus in de islam niet gezien als een tegenstander van God maar als een door God geschapen wezen en daarmee onder Gods controle. De Koran zegt dat goed en kwaad door God geschapen zijn.

Gevallen engel

Voor Nienke was het masker volledig gevallen en was Lucifer of de duivel niet langer enkel een gevallen engel uit de bijbel, maar een kracht die je in een mens kan ontmoeten. Een mens, die ooit beschadigd is geraakt en uit angst niet kan buigen voor God, die het niet kan verdragen dat iemand grootser is dan hij. Omdat het hebben van macht uiteindelijk belangrijker is dan liefde, en de vermommingen zeer vernuftig en slim zijn, kun je je aardig vergissen, zoals het ook haar gebeurd was. Haar besluit om trouw te zijn aan haar eigen waarnemingen en dat wat ze voelde had haar de kracht en helderheid gegeven niet langer de macht uit handen te geven, maar haar eigen weg te gaan. Door trouw te worden en blijven aan zichzelf, werd zij trouw aan God, trouw aan de liefde.

© Wonieka A. Meuter

Eén met God

Wanneer je God toelaat in je hart en alles in jezelf aan het licht gekomen is, kun je steeds meer Eén worden met God. Jouw manier van Zijn valt dan samen met het Zijn van God, zodat je in je spreken, in je handelen, dus via je lichaam God voelbaar en zichtbaar maakt.

Je bent niet God, je kunt wel Eén zijn met God. Jij hebt een lichaam en God niet. Dat is een wezenlijk verschil. Het lichaam ervaart en jij neemt het waar. In die Eenheid met God neem je niet alleen God waar, maar ook hoe andere mensen op jou reageren. Je leeft nog steeds hier op aarde, je leeft in de dualiteit van deze wereld. Je hebt nog steeds te maken met licht en donker, met goed en kwaad.

Als je helemaal Licht bent, omdat er helemaal geen duisternis meer in je is, zal jouw Licht zichtbaar maken wat in de duisternis ligt. De duisternis kent vele vormen. De angst die daaraan ten grondslag ligt kan angstwekkende, demonische en destructieve vormen aannemen. Als de angst groot lijkt en daarom verdrongen wordt, zal veelal de aanval ingezet worden, zodat het niet gevoeld hoeft te worden. Juist degene met het Licht wordt het liefst een kopje kleiner gemaakt.

God was, God is, God zal er altijd zijn. Wat wij mensen ook doen. Of wij onszelf kapot maken, of anderen. Of we dat nou doen in naam van God of niet. Ongeacht wat we God allemaal in de schoenen schuiven, God is. God wordt er niet anders van.

Eén zijn met God is ervaren wat mensen naar je uit kunnen doen, ronduit akelig en destructief en beseffen dat het niet aan jou is om dit te veranderen. Als iemand dit wil doen, dan wil diegene dit doen. Jij bent. Zoals Jezus aan het kruis is gegaan, kruisigen mensen elkaar ook met hun veroordelingen. Zo kan jij ook gekruisigd worden vanwege je Licht. Je ervaart het in je lichaam, maar je wordt er niet anders van.

Op het moment van kruisiging voelt Eén zijn met God als een spiegelgladde heldere oceaan met een wolkeloze hemel. Enkel stilte, enkel vrede.

© Wonieka A. Meuter

Mijn waarde is bepaald door God?

Al een aantal jaren lees ik “Van hart tot hart”, waarin ik ditmaal door een zin getroffen werd, die ik nader ben gaan onderzoeken. Ik voelde wat weerzin bij de zin “Mijn waarde is bepaald door God en niemand kan daar iets aan veranderen” (*). De persoon die het artikel geschreven had was hierdoor diep geraakt. Als ik mij inleef in die persoon dan voel ik daarbij dat diegene zich weinig gewaardeerd heeft gevoeld en dat die ene zin op dat moment hem in zijn hart raakte. Een macht buiten hemzelf, namelijk God heeft zijn waarde bepaald. Alsof God iets doet. In mijn beleving doet God niets. God is.

Veel mensen zijn zozeer hun gevoel van eigenwaarde kwijt geraakt, dat het lastig kan zijn dat gevoel dat je van waarde bent weer te gaan voelen als iets dat zo is. Als je van waarde bent, dan doe je ertoe en als je niet van waarde bent, dan doe je er niet toe. Ergens in je leven kun je zijn gaan denken dat je niet belangrijk genoeg was, doordat er minder moeite voor je gedaan werd dan waar jij om vroeg. En toch besta je. Toch ben je er. Toch heb je een lichaam waarmee je hier op aarde kunt leven en van alles mee kunt maken.

Het simpele feit dat we bestaan geeft mij en jou waarde. God bestaat voor mij ook en is voor mij ook van waarde. Hoe je leeft en hoe je bent heeft een bepaalde waarde, een bepaalde kwaliteit. Welke waarde dat voor jou heeft, dat bepaal jij! Jij bepaalt of jouw leven zoals je dat leeft voor jou de moeite waard is. Jij weet of jouw leven voor jou vervullend is of dat er nog iets aan ontbreekt, dat er voor jou meer in het vat zit dan je nu verwezenlijkt. De verlangens in jouw hart zullen je in beweging brengen en houden.

Dat waar je naar verlangt en de moeite die je daarvoor wilt doen bepalen jouw waarde. De een neemt genoegen met zijn situatie en maakt er het beste van, de ander maakt de keus om zichzelf keer op keer waarde te geven, zichzelf de moeite waard te vinden. De verlangens in mijn hart hebben er bij mij voor gezorgd dat ik met vallen en opstaan door gegaan ben met mij te ontwikkelen. Ik wist dat ik meer in huis had dan ik op dat moment kon leven. Mijn ouders, maar ook anderen in mijn leven, begrepen dat niet. Was ik nou nog niet klaar? Zij begrepen dat verlangen niet, die drang om maar door en door te gaan. Ben ik daardoor meer van waarde dan zij? Voor mij niet. Zij leven hun eigen waarde en volgen de verlangens van hun hart en die zijn blijkbaar anders dan die van mij.

Mijn waarde is of wordt niet bepaald door God. God is ook niet van meer waarde dan jij of ik. Wij maken allemaal deel uit van dit bestaan en zijn daardoor allemaal op onze eigen manier van belang. Of jij God of iemand anders meer van waarde vindt dan jijzelf, is de waarde die jij er aan geeft. God is. Het bestaan is. Jij en ik zijn vrij om daarmee te doen wat wij willen, om ons leven zoveel waarde te geven als waar ons hart naar verlangt.

© Wonieka A. Meuter

(*)  Van hart tot hart, jaargang 13, februari 2013. Het artikel waar ik naar refereer is geschreven door Hans de Rijke, Je kunt altijd opnieuw een keus maken.

Jeevan mukti

Omdat het woord jeevan mukti afgelopen dagen in mijn hoofd terug keerde en ik het begrip ken uit mijn periode bij de Brahma Kumaris ben ik gaan opzoeken wat het ook al weer inhoudt: http://www.sikhiwiki.org/index.php/Jivan_mukta

Onderstaande alinea’s overgenomen uit bovenstaande link wil ik graag toelichten naar mijn eigen ervaringen en inzichten.

The belief underlying the concept of mukti is, that the soul, a particle of the Supreme Soul, is, while embedded in the physical frame, in a state of viyog or separation and longs for sanyog or reunion with its source, which for it is the supreme bliss.

The jivan-mukta of Sikh conception is the realized soul, identified as gurmukh (one whose face is turned towards God). He leads the life of a common householder enriched by the experience of spiritual harmony within. “He surrenders himself completely to the Will of God; joy and sorrow are the same to him; he experiences bliss always and viyog (separation) never” (GG, 275). Instead of the differentiating ego, the all-encompassing Divine Spirit resides in him. Existentially he belongs to the world, essentially he transcends the world.

Mukti is voor mij dat je bevrijd bent van je lasten, je pijn ed. en je volledig realiseert wie je bent. Dat is zowel dat je je helemaal bewust bent van wie jij bent en dit kunt verwezenlijken in je lichaam hier op aarde, als dat je jezelf ervaart als Eén met God, (the Supreme Soul). Je leidt je leven hier op aarde tussen de mensen en met de mensen terwijl je je compleet overgegeven hebt aan de wil van God. Voor mij houdt dat in dat ik afgestemd ben op de hoogste potentie van leven en de natuurlijke wetten van het bestaan. Het houdt voor mij in dat ik onvoorwaardelijke liefde leef, dat ik houd van het leven, van de aarde, van de mensen en dat ik het duister kan zien in al zijn facetten en het verlicht met het licht van mijn hart. Dat is voor mij transcenderen. Je overstijgt het denken in goed en fout, zodat je het geheel kunt zien, juist door helemaal aanwezig te blijven in het lichaam.  Overstijgen heeft niets te maken met beter of hoger zijn dan iemand anders of uit het lichaam gaan. Pas dan kan transmutatie plaatsvinden, kan er iets wezenlijk veranderen.

Mooi vind ik aan het begrip jeevan mukti dat het om bevrijding gaat in het leven, anders dan het streven om je te bevrijden om op te gaan in het licht en niet meer terug te hoeven komen naar de aarde. Als er liefde is in het hart dan hoef je niet weg van de aarde, dan kun je hier op aarde zijn en blijven en jouw bijdrage leveren door te laten zien hoe je samen Eén met God kunt zijn en de vreugde van het leven hier op aarde kunt vieren.

© Wonieka A. Meuter

kringel

I made an english translation for this blog. I am not very well in english, so excuse for the insufficient translation.

Jeevan mukti

Because the word jeevan mukti returned recent days in my head and I know the concept from my time at the Brahma Kumaris, I looked up what it already implies: http://www.sikhiwiki.org/index.php/Jivan_mukta

The following paragraphs are taken from the link above, I would like to explain to my own experiences and insights.

“The belief underlying the concept of mukti is, that the soul, a particle of the Supreme Soul, is, while embedded in the physical frame, in a state of viyog or separation and longs for sanyog or reunion with its source, which for it is the supreme bliss.

The jivan-mukta of Sikh conception is the realized soul, identified as gurmukh (one whose face is turned towards God). He leads the life of a common householder enriched by the experience of spiritual harmony within. “He surrenders himself completely to the Will of God; joy and sorrow are the same to him; he experiences bliss always and viyog (separation) never” (GG, 275). Instead of the differentiating ego, the all-encompassing Divine Spirit resides in him. Existentially he belongs to the world, essentially he transcends the world.”

Mukti for me is that you are freed from your burden, and your pain etc., that you fully realize who you are. That is as well that you are completely aware of who you are and that you can achieve it in your body here on earth, like that you experience yourself as One with God (the Supreme Soul). You lead your life here on earth between the people and with the people while you have completely surrendered to the will of God. For me this means that I am attuned to the highest potential of life and the natural laws of existence. It means for me that I live unconditional love, I love life, the earth, the people and that I can see the darkness in all its facets and illuminate it with the light of my heart. That to me is transcend. You transcends thinking in right and wrong, so you can see the whole, just by remaining totally present in the body. Transcending has nothing to do with being better or higher than anyone else or going out of the body. Only then can transmutation take place, something can change substantially.

Beautiful I find to the concept of jeevan mukti that it is about liberation in life, other than the desire to liberate you in order to go into the light and not having to come back to earth. If there is love in the heart then you need not get away from the Earth, then you can be here on earth and remain on earth. Your contribution will be that you are showing how you are One with God together and how you can celebrate the joy of life here on earth.

© Wonieka A. Meuter

God?

vertrouwen-god-teksten-bemoediging

Omdat ik geen beter woord weet, blijf ik God God noemen. Gebruik ik het woord God dan ben ik mij steeds bewust van de beladenheid van dat woord. In onze cultuur en opvoeding hebben we beelden meegekregen van wie God zou zijn en hebben we daar allerlei gevoelens en overtuigingen bij, of we nu religieus opgevoed zijn of niet.

“Ik houd van God”, zei ik pasgeleden tegen een vijfjarige “en God houdt van mij; God houdt ook van jou”. Als ik dat zo zeg dan kan het lijken alsof ik het over een persoon heb, terwijl God voor mij niet persoonlijk is. Ik kan God wel heel persoonlijk ervaren. Hoewel God voor mij overal om mij heen is, is daarmee niet alles God. God is voor mij iets dat ik kan ervaren als ik mij er voor open stel. Ik stel mij open voor de meest verhoogde trilling als Bron van alles wat bestaat. En als Bron van alles wat bestaat is God voor mij: liefde, levenskracht, stilte, weten, zuiver, Zijn.

Door me te verbinden met God en God toe te laten, verbind ik mij met een trilling die voorbij de dualiteit van het leven op aarde gaat. Ik ben heel, ik zie door de dualiteit heen dat wat is, de essentie van het bestaan voorbij de beperkingen en begrenzingen van het lichaam, van de materie. Levend in verbinding met God is mijn leven groots, vervuld en rijk.

Ik houd van God, omdat ik houd van de spiegel waarin ik mijzelf kan zien en ervaren in mijn hoogste potentie. Ik houd van de liefde, de stilte en de subtiliteit die ik ervaar als een zachte deken die mij altijd omhult. In mijn leven hier op aarde laat ik zien wie God is, laten mijn ogen de kracht en liefde van God zien en ervaren aan degene die het wil ontvangen en toelaten. Ik ben volledig aanwezig in dit lichaam dat mij gegeven is en maak gebruik van mijn persoonlijkheid en alle ervaringen die ik opgedaan heb in mijn leven. Vanuit de liefde die ik heb voor God, de aarde, het bestaan en wie ik ben is het mijn keuze om dienstbaar te zijn op een manier die vrij is, gegrond en bekrachtigt.

God ervaren vraagt loslaten en overgave. Een loslaten van beperkende overtuigingen, een loslaten van je wil naar macht en controle over jezelf en anderen. Het vraagt om een overgave aan het bestaan en het grote geheel, omdat je vertrouwt dat er pas dan voor je gezorgd wordt. Het is niet iets dat je kunt doen, behalve ruimte maken en toelaten. Zolang je controle wilt hebben zul je God niet toe willen laten in je hart en zal je hart eenzaam en leeg blijven.

© Wonieka A. Meuter

kringel

I made an english translation for this blog. I am not very well in english, so excuse for the insufficient translation.

God?

Because I know no better word, I keep God call God. Do I use the word God, I am always aware of the emotionally charge of that word. In our culture and education, we have been given images of who would be God.  We have all kinds of feelings and beliefs thereto, whether we are raised religiously or not.

“I love God,” I said recently at a five year old child  “and God loves me, God loves you too.” If I say that in this way it can seem like I’m talking about a person, while God is not personal for me. But I can experience God very personal. Although God for me is all around me therefore not everything is God. God is for me something that I can experience if I open myself to God. I open myself to the most elevated vibration as Source of all that exists. And as Source of all that exists God is to me, love, vitality, silence, knowing, pure, Being.

Because I connect with God and I allows God, I commit myself to a vibration that goes beyond the duality of life on earth. I am complete, I see through duality ‘what is’. I see the essence of existence beyond limitations and boundaries of the body, of matter. My life is grand, full and rich, because I live in connection with God.

I love God, because I love the mirror in which I can see myself and in which I can experience myself in my highest potential. I love the love, the silence and subtlety that I experience as a soft blanket that always surrounds me. In my life here on earth, I let see who God is. My eyes show the power and love of God and show that experience to those who will receive it and allow. I am totally present in this body which is given me and I make use of my personality and all the experiences I have gained in my life. From the love I have for God, the earth, the existence and for whom I am it is my choice to serve in a way that is clear, grounded and validates.

Experiencing God asks letting go and surrender. A letting go of limiting beliefs, a letting go of your will to power and control over yourself and others. It requires a surrender to existence and the greater whole, because you to trust that only then there is care for you. It’s not something you can do except to make space and allow. As long as you want to control you will not allow God into your heart and your heart will be lonely and empty.

© Wonieka A. Meuter